Baby-ontwikkeling (0-4 jaar)

In mama’s veilige, warme buik voelde je baby zich goed. Hij kreeg er automatisch warmte en voeding via zijn moeder. De geboorte is dan ook een enorme schok voor een baby: opeens fel licht, harde geluiden, plotselinge kou... In mama’s buik wist je baby zelfs niet wat honger of dorst was. De eerste dagen en weken moet je baby dan ook leren dat hij zich soms niet goed voelt omdat hij bijvoorbeeld honger heeft. Je baby maakt onlust kenbaar aan zijn omgeving door te gaan huilen. Als papa of mama zijn onlust wegneemt, bijvoorbeeld door een verschoning of geven van voeding, voelt je baby zich weer beter.

Hoewel je baby niet kan praten, begrijp je als ouder na een tijdje wat je kind nodig heeft. Er ontstaat een band tussen jullie. Dit heet 'hechting' en is van groot belang voor de ontwikkeling van je kind: je kind krijgt de eerste stevige bouwstenen om het leven en de wereld aan te kunnen.
Een baby leert er op vertrouwen dat er voor hem gezorgd wordt. Dit maakt dat hij zich in deze nieuwe wereld goed kan voelen. Als je als ouder er voor zorgt dat je baby krijgt wat hij nodig heeft en steeds een oogje in het zeil blijft houden, leert je baby dat zijn omgeving veilig is. Deze basisveiligheid heeft je kind nodig om verder te verkennen en op ontdekking te gaan.

Slapen
Als baby’s geboren worden, werkt zijn biologische slaapklok nog niet optimaal. Het deel van de hersenen waar deze klok zich bevindt, is namelijk nog niet helemaal volgroeid. Het duurt meestal drie tot zes maanden voordat de gemiddelde baby een regelmatig slaap-waakritme heeft ontwikkeld.
Een baby van een paar weken oud kent het verschil tussen dag en nacht nog niet. In mama’s buik was het immers altijd donker. U kunt uw baby helpen het verschil te leren door anders om te gaan met de dag als met de nacht. Je baby wordt ook nog vaak wakker omdat hij honger heeft, de eerste weken zijn nachtvoedingen nodig. Hou de nachtvoedingen kort en zorg ervoor dat er niet te veel licht aan is op de plek waar u de voeding geeft. Uw baby zal makkelijker weer in slaap vallen als er weinig licht en lawaai gemaakt wordt. Overdag kunt u met uw baby spelen en praten.

De slaapbehoefte hangt af van het kind. Elk kind is anders. Gemiddeld slapen baby’s 16,5 uur per dag, meestal in periodes van anderhalf tot drie uur. Baby’s nemen de slaap die ze nodig hebben. Je merkt meestal vanzelf aan je baby of hij moe is; ogen draaien weg, onrust neemt toe of hij wordt hangerig of huilerig. Veel baby’s verzetten zich tegen de slaap. De meeste baby’s vallen na even mopperen/ huilen in slaap. Als je een baby bij het eerste huiltje uit bed haalt, ontneem je hem de kans om in slaap te vallen. Baby’s slapen anders dan volwassenen. Ze slapen namelijk niet zo diep waardoor ze makkelijk wakker worden.

Ontwikkeling eerste jaar
Je baby zal in het eerste jaar enorm groeien. Het gewicht kan zich verdrievoudigen. In de eerste maanden is er een soort groeispurt die zich in zijn leven nog maar eenmaal herhaalt, namelijk bij het begin van de puberteit.
Ook de ontwikkeling van de mogelijkheden van je baby om zijn omgeving te ontdekken, de zintuiglijke ontwikkeling, motorische ontwikkeling, verstandelijke ontwikkeling en sociaal-emotionele ontwikkeling gaan in razend tempo.

Zintuigen
Vanaf de geboorte kan een gezonde baby alle vijf de zintuigen gebruiken: ogen (zien), oren (gehoor), neus (reuk), mond (smaak) en tastzin. Deze zintuigen geven hem informatie over de omgeving. Vanaf de geboorte gaat je kind zijn omgeving ontdekken en leert hij zijn zintuigen steeds beter te gebruiken.

  1. Horen: je baby kon al tijdens de zwangerschap horen. Je baby reageert op harde geluiden, vindt dit vaak niet prettig. De meeste baby’s vinden zachte muziek en menselijke stemmen (bij voorkeur mama’s stem) wel aantrekkelijk. Een baby kan stemmen onderscheiden. Ze worden onrustig van het horen van meerdere stemmen door elkaar.
  2. Zien: bijna alle baby’s hebben bij de geboorte blauwgrijze ogen. De blijvende oogkleur van een kind is definitief als het minstens een half jaar oud is. In het begin ziet een baby alleen licht en donker. Ze richten zich op het licht. Je baby ziet contrast: haren (donker) – gezicht (licht). Vanaf 6-8 weken kunnen ze vrij scherp zien op een afstand van 20 cm. Daarbuiten is alles wazig. Het is dus mogelijk oogcontact te maken, wat belangrijk is voor de hechting. Vanaf 7/8 maanden kan een baby pas net zo goed zien als hun ouders.
  3. Proeven en ruiken: baby’s hebben een goed ontwikkeld reukvermogen en ze kunnen meteen al proeven. Ze houden meer van zoet dan van zuur. Baby’s onderscheiden geuren en kunnen lichaamsgeuren herkennen.
  4. Voelen: je baby kan een verandering in temperatuur voelen. De tepel is warmer dan de rest van het lichaam, zo kan je baby de tepel vinden. Je baby is heel gevoelig voor aanrakingen en geniet van huidcontact. Zijn lippen en mond zijn bijzonder tastgevoelig. De mond is een belangrijk zintuig bij het voelen, ontdekken en onderzoeken.

 

Motorische ontwikkeling
De eerste twee mijlpalen in de motorische ontwikkeling zijn het hoofd omhoog houden en naar iets grijpen. Zo ontwikkelt zich de grove en fijne motoriek.

  1. Grove motoriek (beheersen grove spieren): zitten, kruipen, staan, lopen (grote bewegingen);
  2. Fijne motoriek: kleine bewegingen van de spieren die nodig zijn om iets te pakken, vast te houden.

Stapjes: rollen van rug naar buik en terug… zitten met steun... alleen zitten... staan met hulp... kruipen.. lopen aan de hand... zichzelf optrekken… alleen staan... lopen.

Verstandelijke ontwikkeling
Het is van belang veel te praten tegen je kind. Ook al krijg je nog geen antwoord en begrijpt het niet wat je zegt, je kind hoort wel dat je iets zegt en hoe je iets zegt. Baby’s willen graag alles oefenen en leren. Dat doen ze vooral door nadoen en imiteren. Je baby zal snel gaan terug babbelen.
Praat en zing veel met je baby (in je eigen taal) en reageer als hij begint ‘terug te praten’.

In de eerste zes weken is huilen het enige geluid dat uw kind zal maken. Dit is naast communicatie ook een manier om controle te krijgen over spieren in tong, lippen en gehemelte. Daarna gaat je baby de eerste geluidje maken en gaat hij oefenen met klanken. Je baby zal reageren op verschillend taalgebruik door te lachen of te huilen. Je baby leert al veel over taal, nog voordat hij kan praten!

Het eerste woord dat in vrijwel alle talen wordt geleerd is mama. Omdat dit de eerste duidelijke klankcombinatie is die een baby maakt, is dat het woord voor moeder geworden. Rond de eerste verjaardag klinkt naast ‘mama’ het eerste andere woordje.

Sociaal emotionele ontwikkeling
In de eerste weken na de geboorte laat je baby ‘schijnglimlachjes’ zien. Dit gebeurt meestal in zijn slaap of als je baby slaperig is. Tussen vier en tien weken begint je baby wel te glimlachen, omdat hij gaat reageren op iets wat in hij omgeving hoort. Pas daarna is er sprake van een ‘sociale glimlach’: als reactie op contact met een ander. Dit heeft ook te maken met het feit dat je baby vanaf deze leeftijd steeds beter kan zien en zijn blik kan richten.
Vanaf twee maanden raakt een baby steeds meer geïnteresseerd in zijn omgeving. Je baby maakt in de eerste maanden geen verschil in personen: hij lacht tegen iedereen die hij ziet en tegen hem praat. Vanaf een maand of zes lacht je baby alleen nog tegen mensen die hem vertrouwd zijn.

Het belangrijkste wat je als ouder in het eerste jaar voor je kind kunt doen, is ervoor zorgen dat je kind de wereld waarin hij leeft kan zien als een veilig oord. Daarvoor is voorspelbaarheid nodig, en een begripvolle houding. Het is van belang dat je als ouder gevoelig bent voor de signalen van je baby. Het is daarbij van belang dat je baby steeds meer gaat deel uitmaken van het gezin. Hij hoort erbij en heeft het gevoel dat hij erbij hoort.

Vaak krijgen ouders in de tweede helft van het eerste levensjaar te maken met de eerste boze buien van hun kind. In de loop van het eerste jaar ontdekt je kind niet alleen dat hij steeds meer kan, maar ook dat hij steeds meer wil. Afhankelijk van het temperament van je kind zal hij meer of minder boos worden. Een groot verschil met een boze volwassene is dat een baby zijn boze bui snel weer vergeten is.

Eenkennigheid
Vanaf een maand of acht leert je baby het verschil tussen mensen te zien. Wanneer een baby iemand anders ziet dan zijn vertrouwde personen, zoals papa en mama, wordt hij angstig. Op deze leeftijd worden sommige kinderen bang als een vreemde naar hen kijkt. Ook bij mensen die ze wel kennen kan dit gebeuren. Je kind wordt eenkennig: hij wil slechts één persoon kennen. Als reactie klampt hij zich aan papa of mama vast, kijkt weg of gaat hartverscheurend huilen.

In de loop van het eerste levensjaar ga je je kind beter kennen. Je kent zijn temperament, de typerende manier van doen die al bij jonge baby’s te zien is. Je biedt als ouder de omgeving die daarbij hoort: aanvaard je kind zoals hij is en pas je gedrag aan. Hierdoor wordt het bijvoorbeeld makkelijker met boosheid en drift om te gaan. De ervaringen die je kind opdoet zijn bepalend voor zijn ontwikkeling.

Tot slot…
De nieuwe wereld met al zijn uitdagingen is voor je baby erg interessant, maar tegelijkertijd heeft je baby veel behoefte aan een vertrouwde en voorspelbare omgeving waarin veel dingen iedere keer weer gelijk zijn. Zo kunnen er rituelen zijn die iedere dag terug komen of spelletjes eindeloos herhaald worden. Sociale rituelen zoals ‘dag’ zeggen kunnen in de tweede helft van het eerste levensjaar geleerd worden.
Kenmerkend voor deze fase is het blinde vertrouwen in papa en mama (of andere vaste verzorger). Bij hen wordt het kind getroost, zij zijn het veilige uitgangspunt voor het voortzetten van hun ontdekkingsreis.

Boeken (-bronnen voor dit artikel):
Je baby door Hilde Marx, Cora de Vos & Magteld Westpalm (ISBN 90-274-1664-8)
De ontwikkeling van je kind door Marga Schiet (ISBN 90-585-5162-8)
En als we nou weer eens gewoon gingen opvoeden door Gitty Feddema & Aletta Wagenaar
Hink-stap-sprong een koffer vol ontwikkeling en opvoeding
Babyspelletjes spelletjes voor baby’s 0-18 maanden (ISBN 90-274-9370-7)

Thema's om verder te lezen:

Ander aanbod Centrum Jeugd & Gezin Maasland:

Wil je meer weten over de ontwikkeling van baby’s, over het stimuleren van deze ontwikkeling, over het sturen en ondersteunen van je kind of heb je een andere vraag over baby’s? Bel of mail ons of loop eens binnen bij het Centrum Jeugd & Gezin.

Klik op onderstaande afbeeldingen om verder te lezen:

 




meer tweets
algemene ontwikkeling
veel gestelde vragen
links
algemene ontwikkeling
veel gestelde vragen
links
algemene ontwikkeling
veel gestelde vragen
links
algemene ontwikkeling
veel gestelde vragen
links
ons aanbod:cursussenlezingenboeken en thema'sspreekuurstel uw vraaglinks organisatiesover onshome en nieuwsbriefberoepskrachten
0 tot 4 jaar4 tot 12 jaar12 jaar en ouder

Content on this page requires a newer version of Adobe Flash Player.

Get Adobe Flash player

Content on this page requires a newer version of Adobe Flash Player.

Get Adobe Flash player

Ouderschapsbelofte
Wij, jouw ouders, we beloven Over het verlangen om samen te blijven, over de gevolgen vane en scheiding voor je kind en de betekenis van de ouderschapsbelofte in goede en in slechte tijden.

Centrum Jeugd & Gezin Maasland
Schadewijkstraat 6
5348 BC Oss
088-3742526
info@centrumjeugdengezin-maasland.nl